Een goede
vriend vertelde mij eens dat wanneer hij iemand een geurtje cadeau wil doen,
ook moeite doet om een geurtje te vinden die past bij de persoon.
Ik heb dat zelf
altijd een beetje ingewikkeld gevonden: parfumgeuren die bij personen passen. Volgens
mij zijn parfumluchten en persoonlijkheden vooral combinaties die uitgevonden
worden door marketingafdelingen. Parfumreclames laten je geloven dat wanneer je
Luchtje A opspuit je ineens een lone wolf bent, rijdend op een motor
door een eindeloze prairie. Iemand die zijn eigen koers bepaalt. Of Luchtje B: spuit
je dat op ben je ineens een zeebonk met zijn blik op de Mediterrane zeehorizon gericht.
Soms kan geur
wel degelijk samenhangen met een persoon. Mijn oma draagt altijd een luchtje
van Vanderbilt (oneerbiedig gezegd: oude mensenlucht) en wanneer ik dat ruik,
moet ik onwillekeurig altijd aan haar denken. Misschien komt dat omdat ik die
geur van jongs af aan iedere zondag geroken heb en er als het ware mee ben
opgegroeid. Geuren zijn verrassend vaak in staat een gevoel van nostalgie te
bewerkstelligen.
De vriend van
wie ik het geurtje kreeg, omdat ik dat had doorgegeven als verlanglijstje, ik
wilde ook wel eens goed voor de dag komen, heeft moeite gedaan om een geurtje
te vinden die volgens hem past bij mijn persoon.
Volgens de site
van dit geurtjesmerk ben ik een ‘elegante en stijlvolle man die barst van het
zelfvertrouwen en de kracht’.
De nonchalante flair en de bloemig-bosachtige aroma’s maken het geurtje uniek,
volgens de verkopers, het is modern gecombineerd met mannelijke
vastberadenheid.
Nu is de dreiging om te barsten van de zelfvertrouwen en de kracht mij vreemd
en denk ik ook niet dat die eigenschappen door het hoofd van de vriend gingen
bij de aanschaf ervan, maar het geurtje heb ik evengoed met plezier gedragen.
Overigens
dreigen vrouwen daarentegen altijd te barsten van de onafhankelijkheid. In de reclames
lopen vrouwenbenen altijd in zelfverzekerde tred, meestal op weg naar een luxe
feestje of op weg naar huis daarvan. De dame in kwestie laat altijd zien: ik bepaal
mijn eigen koers, maak mijn eigen beslissingen en ben bovenal onafhankelijk. Maar
ze zijn altijd in voor een feestje, dat wel.
Sommige mensen nemen het wel heel serieus: loop op een zonnige dag eens door de Lange Nering, of ieder andere winkelstraat in Nederland en de parfumlucht waait je tegemoet. Mensenkinderen, alsof je te maken hebt met een chemisch lek. Het kan ook te veel van het goede zijn, hoor. Een tegenbeweging is gaande: sommige restaurants verbieden bezoekers parfum te dragen bij het bezoeken ervan. Helemaal prima.
Nog zowat: de
topnoten van het geurtje dat ik cadeau kreeg bestaan uit ananas, bergamot en
lavendel. De hartnoten uit cumarine, mos en roos. De basisnoten uit sandelhout
en tonkaboon.
Nooit geweten
dat dat geurtje naar ananas of mos geroken moet hebben. Nooit geweten wat
topnoten of hartnoten zijn ook.
Begin deze week
was ik bij de kapper, waar een aantal geurtjes op de balie stonden tentoongespreid.
Vanuit een donkergrijs flesje spoot ik een proefmonster op mijn pols. Even wrijven,
altijd even wrijven, dan ruiken. Het rook lekker, laat ik het daar maar bij
houden en dan dat ingewikkelde notengedoe achterwege laten. Toch stond ik een
paar dagen later weer bij diezelfde barbier een flesje parfum af te rekenen.
Kies je een
luchtje uit omdat die bij je persoonlijkheid past, of neem je toch een beetje
de persoonlijkheid van het luchtje over?
Reacties
Een reactie posten