Doorgaan naar hoofdcontent

#64 piramides, tolerantieraampjes en boektitels

Afgelopen week had ik de tweede en meteen laatste dag van een cursus die onder andere handvaten biedt bij het omgaan met agressie. Op de eerste dag kregen we huiswerk mee: het invullen van onze eigen piramide.

Onder in de piramide is het blauw. Als je daarin zit ben je sub-assertief. Daarboven groen: assertief. Naarmate je omhoog gaat in de piramide klim je langs verschillende kleuren als geel, oranje en rood en neemt de spanning toe. Het topje, donkerrood, is een fase waarin je agressief bent en in staat bent tot doodslag. De meeste mensen zitten, gelukkig, onderin of halverwege de piramide.

De bedoeling was dat we invulden wat onze basis in de piramide was, hoe we reageerden in de verschillende fases en wat we nodig hadden om tot de groene fase te komen. Ik was aan de beurt en benoemde dat ik vaker in de sub-assertieve fase zat dan in de assertieve fase. Ook zat ik wel eens in de gele – geagiteerd gedrag – fase wanneer ik spanningen ervaarde. Dan kon ik wel eens mopperen of kortaf zijn, maar ik werd vooral nerveus. Ik zei ook dat dat de fase was waarin ik meestal pas mijn grenzen aangaf. Dat zou ik eigenlijk al in de groene fase moeten doen, want voor het dan zover was, was mijn grens feitelijk al gepasseerd.
   ‘Heb je dan ook een klein emotioneel woordenboek?’ vroeg de cursusleidster.
   ‘Nou’, zei ik, ‘ik heb heus wel een groot emotioneel woordenboek, alleen mag ik er wel wat vaker het stof vanaf blazen’.
   ‘O, wat mooi’, zei de cursusleidster.
   De aanwezige gedragswetenschapper: ‘heel mooi’.
   ‘Die ga ik van je stelen!’
   Daarna: ‘als je dat goed vindt tenminste’.
   Ik knikte. Dat was goed.

Het emotionele woordenboek moet ik even uitleggen. De meeste mensen die boven in de piramide zitten, hebben een klein emotioneel woordenboek. Dat wil zeggen: ze zijn dan niet meer in staat woorden te geven aan gevoelens en gaan dan maar schreeuwen en schelden. Bedreigend gedrag.
   Of, ook gehoord: ‘dan spring ik uit mijn tolerantieraampje’.
   Iemand knikte instemmend: ‘ja, the window of tolerance’.
   Ik vroeg me af of je ook niet teveel woorden kunt geven aan gevoel.

Na afloop volgde de evaluatie. De cursusleidster vroeg hoe ze het gedaan had.
   Ze vroeg ook: ‘Hoe was de humor?’
   Ik besloot het op te slaan als titel voor een nog te schrijven boek. Hoe was de humor, meesterlijk.

Zo heb ik dat wel vaker. Normaliter schrijft een schrijver eerst een verhaal, dan pas wordt er een passende titel bij verzonnen. Soms heb ik dat andersom. Dan hoor ik iets en denk ik: dat zou pas een mooie titel voor een boek zijn!
   Zo stak een vriendin laatst een klaagzang over iemand af, maar besloot toch maar een positieve eigenschap op te noemen en sloot af met: ‘zo is ze dan ook weer’. Dat is toch een prachtige titel voor een roman?
   Of: ‘maar even zonder gekheid’. Even zonder gekheid zou een titel zijn die me zonder meer zou aanspreken.
   ‘Jij bent ook wat’, wordt wel eens gezegd tegen iemand die een stoutmoedige of brutale grap maakt. Jij bent ook wat, pracht van een titel.

Er wordt vaak gesproken en er is veel geschreven over kantoortaal, maar zorgtaal, daar zou wel eens over geschreven mogen worden. Misschien ga ik dat ooit eens doen. De eerste titel die me te binnen schiet: ik hoor je.
   Of: Mijn emmertje zit vol.
   Of toch misschien: ik ben ook maar mens.

Afijn, ik wil maar zeggen: soms hoef je niets zelf te verzinnen. Luister wat de mensen om je heen zeggen en je verzamelt binnen no-time kostbaar materiaal.

Na de cursusdag kwam ik thuis met een vol en bommend hoofd. Ik besloot mijn tolerantieraampje maar open te zetten, plofte neer in de bank en vergaapte me aan een zouteloze talkshow. Eventjes lekker zakken in de piramide.

Reacties

Populaire posts van deze blog

#177 terug Europa in

In Europa – proloog Als ik de vraag zou krijgen welk boek hét beste geschiedenisboek ooit is, zou ik meteen naar de boekenkast lopen om er een dikke pil uit te pakken. Er bestaan zoveel mooie, goede en interessante geschiedenisboeken (en stripboeken), maar ééntje steekt daar toch wel echt met kop en schouders bovenuit. En het is dit jaar 20 jaar geleden dat het boek uitgebracht werd. Het beste geschiedenisboek ooit blijft, in mijn optiek, In Europa van Geert Mak. Europese Steinbeck Geert Mak is geen historicus, zoals hij dat zelf vaak op bescheiden toon benadrukt. Hij is een journalist. Maar dat juist die twee dingen, journalistiek en geschiedkunde, bijzonder goed samengaan, heeft Mak met zijn In Europa bewezen. Er is geen ander boek als dit boek. Het zijn twee reizen die Mak hier maakt: eentje door het Europa van 1999 en eentje door die hele akelige, spannende, bewonderingswaardige en dynamische twintigste eeuw. Hij liet zich er voor inspireren door John Steinbeck, een Amerika...

#350 Kwartaalrapportage IX

Mensenkinderen, wat vliegt de tijd. Is het zomaar alweer eind maart. Zomertijd. De eerste kwart zit erop. De kop is eraf. Tijd voor de eerste kwartaalrapportage van ’26. Lezen gaat in golfbewegingen. Soms lees je drie of vier boeken achter elkaar, en soms lees je een hele maand niet. Maart was zo’n maand waarin ik niet het juiste boek kon vinden. Komt vast wel weer. Dit jaar wilde ik het anders aanpakken. Na het lezen van het eerste boek besloot ik dat het volgende boek verband moest houden of een link moest hebben met het vorige boek. Een soort boekenalgoritme. Dat kon twee kanten opgaan: of ik zou heel makkelijk onverwachte titels gaan lezen, of ik zou eindeloos moeten zoeken naar een goede titel en daardoor juist minder gaan lezen. Allebei de situaties zijn het geval, denk ik. Maar goed, hierbij dus het algoritme tot zover. Wie weet zit er een leuke titel voor je tussen. Wie weet ook niet. Dat mag je lekker helemaal zelf weten. Leuk he? Hoax -  Jan-Willem van Prooijen ...

#563 De mens is Tijl Beckand

Zoals je soms dingen in het echte leven ziet die onbedoeld grappig zijn, zo komt er op internet ook heel wat voorbij dat onbedoeld grappig is. Af en toe krijg je zomaar een filmpje voorgeschoteld waar ik het algoritme van YouTube dankbaar voor ben. Zoals ineens een filmpje van iemand die opstaat uit het publiek van de indertijd bijzonder slecht bekeken talkshow van Humberto Tan, en een kaasstengel uit het glas op tafel neemt. Iedere uitzending stonden er kaasstengels op tafel, het RTL-idee van gezelligheid. Sowieso moeten talkshows daar altijd gezellig zijn.   De kaasstengels zag je ook terugkomen bij andere talkshows. Ook soms neergezet om er de draak mee te steken, zoals bij Van Roosmalen en Groenteman. Die jongen moet die kaasstengels ook gezien hebben. En ook hebben gezien dat ze altijd onaangeroerd bleven staan. Misschien had hij een weddenschap met zijn vrienden afgesloten. Hoe dan ook is deze jongen, zoals er in die tijd gesproken werd, een held. Een ander film...