Vandaag is mijn 100 e rookvrije dag. Dat ontdekte ik vanochtend toen ik na een tijdje de app weer opende. Een bedrag met drie nullen is reeds bespaard niet uitgegeven aan roken, het aantal niet gerookte peuken vormt inmiddels een niet bestaande enorme hoop met dus niet gerookte peuken. De bijkomende voordelen zijn nog altijd: Meer ruimte in je longen Meer ruimte in je budget Meer ruimte in je kop Een bijkomend nadeel is: Minder ruimte in je broeken en shirts Ik neem het maar voor lief. Inmiddels heb ik al wel veel leuke recepten ontdekt, plaatsvervangers voor een gemakkelijke en doorgaans vette hap. 100 dagen. Op dag 1 kun je je niet voorstellen dat je er ooit geraakt. Maar ben ik nu écht gestopt? Misschien ben je ben pas echt gestopt als je stopt met bijhouden wanneer je gestopt bent. Maar dat stopt nog even niet.
Via Stille wateren van Patricia Highsmith, kwam ik naar Ossenkop van Manik Sarkar, omdat ik in de flaptekst het woord ‘waanzin’ las. Via datzelfde woord kwam ik op De donkere kamer van Damokles, een naar ik begreep klassieker van Willem Frederik Hermans. Het verhaal gaat over Ossewoudt, een baardloze jongen die een sigarenwinkel runt. Op een dag van de Duitse inval komt een soldaat de zaak binnengewandeld die als twee druppels water op hem lijkt, en zich voorstelt als Dorbeck. Via hem raakt Ossewoudt betrokken bij het verzet. Maar is Dorbeck wel wie hij denkt dat hij is? Meer kun je er eigenlijk niet over zeggen, zonder dat de lol eraf gaat. Het boek eindigt met één van de mooiste en dramatische slotzinnen ooit gelezen. Het boek is geschreven tussen 1952 en 1958. Vrij kort na de oorlog. In het boek kwam ik zo nu en dan woorden tegen waarvan ik de betekenis niet direct wist. En sinds ik weet dat Özcan Akyol een schriftje bijhield om woorden en hun betekenis te noteren, zoek ik ook...