Via Stille wateren van Patricia Highsmith, kwam ik naar Ossenkop van Manik Sarkar, omdat ik in de flaptekst het woord ‘waanzin’ las. Via datzelfde woord kwam ik op De donkere kamer van Damokles, een naar ik begreep klassieker van Willem Frederik Hermans. Het verhaal gaat over Ossewoudt, een baardloze jongen die een sigarenwinkel runt. Op een dag van de Duitse inval komt een soldaat de zaak binnengewandeld die als twee druppels water op hem lijkt, en zich voorstelt als Dorbeck. Via hem raakt Ossewoudt betrokken bij het verzet. Maar is Dorbeck wel wie hij denkt dat hij is? Meer kun je er eigenlijk niet over zeggen, zonder dat de lol eraf gaat. Het boek eindigt met één van de mooiste en dramatische slotzinnen ooit gelezen. Het boek is geschreven tussen 1952 en 1958. Vrij kort na de oorlog. In het boek kwam ik zo nu en dan woorden tegen waarvan ik de betekenis niet direct wist. En sinds ik weet dat Özcan Akyol een schriftje bijhield om woorden en hun betekenis te noteren, zoek ik ook...
Begin dit jaar schreef ik als goed voornemen op dat ik weer wat vaker musea bezoeken wil. Sinds januari loop ik mezelf er telkens aan te herinneren dat ik die kaart nog bestellen moet. Afgelopen maand kwam ‘ie binnen. Omdat ze zich anders maar ophopen, besloot ik wat van mijn vrije uren op te nemen. En als je een paar dagen vrij bent moet je er ook eventjes uit. In Amsterdam wilde ik heel graag de Oude Kerk aan de binnenkant zien. Ik besloot te starten met een podwalk van het Verhaal van Nederland, over de stichting van de stad. Daarvoor stap je uit bij het Amstelstation en wandel je langs de Amstel naar de oude stad toe. Onderweg kom je over de dam, waar de stad haar naam aan dankt, en je eindigt in de Begijnhof. Een goedbewaard stukje van de oude stad. Hier staat ook nog het oudste bestaande woonhuis van Amsterdam, met een houten gevel, ergens medio de 16 e eeuw gebouwd. Aan de Amstel is de sfeer nog gemoedelijk. Mensen zitten op bankjes wat te eten, laten hun hond uit of doen e...