In ons dialect wordt een woord als snel als verkleinwoord gebruikt. Huis wordt ussien , boot wordt bootjen , auto wordt autootjen . Prettig hierbij is dat alle verkleinwoorden nog worden afgesloten met de letter n. Nu staat echter het barbecueseizoen weer op het punt van beginnen. En ik hoorde laatst iemand haar plannen uitspreken om een barbecue te organiseren, waarbij er ‘lekker veel vleesies’ zou worden gebruikt. Iemand anders hoorde ik eens spreken over ‘vleesjes’. Net een graadje vervelender dan 'vleesies'. Waarom weet ik niet, maar mijn trek is dan toch minder. Vlees hoort niet in een verkleinwoord uitgesproken te worden. Vlees is een stoere lamsbout aan het bot, vleesjes zijn die stukjes bovenarm die slap worden bij gebrek aan spieroefening. We gebruiken verkleinwoorden om de taal wat gezelliger te maken. Helemaal geen probleem, leuk juist. Maar hoezeer ik verkleinwoorden ook waardeer, bij vleesjes trek ik een grens. Taal moet ook weer geen taaltje worden. ...
Ietwat nerveus doet hij de headset om zijn oren, maar als hij eenmaal begint te spreken is het alsof alle spanning van hem af valt. Malik heeft zijn verhaal vaker verteld. Deze avond doet hij dat in de polderbieb. ‘Ik heb wel een mening natuurlijk,’ zei een bezoeker voor aanvang. ‘Maar ik dacht: laat ik maar eens luisteren naar zijn verhaal’. Een handjevol andere mensen hebben de moeite genomen dat ook te komen doen. Malik komt uit een bevolkingsgroep in het noorden van Irak, de Jezidi’s. Een etnoreligieuze minderheid die het Midden-Oosten nog wel meer kent, zoals bijvoorbeeld de Druzen. Net als bij die groep is ertoe bekeren en toetreden lastig. Je bent pas Jezidi als je wordt geboren uit Jezidi-ouders. Het aantal leden van deze bevolkingsgroep ligt nog maar rond de 300.000 tot 700.000, de diaspora inbegrepen. ‘Nog’, omdat in 2014 IS-troepen hun regio binnenvielen, woonplaatsen vernielden, mannen vermoordden en vrouwen en kinderen ontvoerden. We praten vaak over vluchtelingen ...