Met een leeftijdsgenoot had ik het laatst over ouder worden, en ik bracht naar voren dat ik het tijdens mijn snuffelstage in de ouderenzorg altijd zo bijzonder vond dat dementerende ouderen terugvallen op de bekendheden van hun kindertijd. Dat sommige ouderen in de middag de ochtend alweer kwijt zijn, maar wel feilloos kinderliedjes uit hun vroegste jaren kunnen zingen. In het geval van die stageplek waren dat ook vaak psalmen en gezangen. We vroegen ons af wat er bij onze generatie nog ingesleten zou zitten, als we er eenmaal aan toe zijn, en wat er nog overblijft van óns collectieve geheugen. Wij zijn kinderen van het internettijdperk, producten van een meme-cultuur, en we hebben onze spanningsbogen vrijwillig aan flarden gescrold. Niet eerder was onze consumptie zo gefragmenteerd als nu. In de gemiddelde huiskamer van een verpleeghuis, zo schetsen we ons toekomstbeeld, zou je een kakafonie horen van: ‘Hallooo, wat kost hier watermeloen’ ‘Ik vind helemaal mooi!...