Doorgaan naar hoofdcontent

#569 Vleesjes

In ons dialect wordt een woord als snel als verkleinwoord gebruikt. Huis wordt ussien, boot wordt bootjen, auto wordt autootjen. Prettig hierbij is dat alle verkleinwoorden nog worden afgesloten met de letter n.

Nu staat echter het barbecueseizoen weer op het punt van beginnen. En ik hoorde laatst iemand haar plannen uitspreken om een barbecue te organiseren, waarbij er ‘lekker veel vleesies’ zou worden gebruikt.

Iemand anders hoorde ik eens spreken over ‘vleesjes’. Net een graadje vervelender dan 'vleesies'.

Waarom weet ik niet, maar mijn trek is dan toch minder. Vlees hoort niet in een verkleinwoord uitgesproken te worden. Vlees is een stoere lamsbout aan het bot, vleesjes zijn die stukjes bovenarm die slap worden bij gebrek aan spieroefening.  

We gebruiken verkleinwoorden om de taal wat gezelliger te maken. Helemaal geen probleem, leuk juist. Maar hoezeer ik verkleinwoorden ook waardeer, bij vleesjes trek ik een grens. Taal moet ook weer geen taaltje worden.

Ooit hoorde ik eens een stel de avondmaaltijd organiseren. Hij moest boodschappen doen voor macaroni en zij noemde daar de benodigdheden voor op. Dat waren naast gehaktjes ook groentjes, zoals paprikaatjes en championetjes. En er moest natuurlijk gedacht worden aan sausjes. Of die die uit pakjes of van verse tomaatjes werd gemaakt weet ik niet meer.

Hoe dan ook zag ik de man van het stel voor me in een gaarkeukentje, met een mesje paprikaatjes aan het snijden op een snijplankje. Die deed hij vervolgens in het pannetje met rulle gehaktjes. Toen de macaronietjes gaar waren roerde hij die door het sausje. Tenslotte schepte hij een flink lepeltje op een bordje en duwde hij die in de handjes van een hongerig kaboutertje.

Reacties

Populaire posts van deze blog

#209 de Trumpweek

Een van de meest ingrijpende gebeurtenissen afgelopen week maakte nauwelijks indruk. Op mij noch op de mensen om me heen. Zelfs op sociale media is het behoorlijk rustig. In dat malle grote land is Donald Trump herkozen als president.    ‘Trump is weer president he,’ zei een collega terloops.    ‘Tsja, het is allemaal wat,’ antwoorde ik.    En daarmee was de bespreking van de verkiezingsnacht afgehandeld. Terwijl bij iedereen de alarmbellen af zou moeten gaan – Trump is een lont in een akelig gevaarlijk hoopje buskruit – gebeurt dat niet echt. Tenminste, ik heb het niet meegekregen. Misschien omdat mijn sociale-mediaconsumptie ook niet meer is wat het was. De fratsen van die andere halve zool, Elonnetje Musk, zorgt ervoor dat ik steeds minder zin heb om op die grote X te tikken. Na een tijdje merk je dat je er niks aan mist ook. Maar goed, we hadden het over de Amerikaanse verkiezingen. Iemand waar ik af en toe mee samen werk is een aantal jaar terug me...

#219 Ranking de logo's

Vanochtend hoorde ik onderweg naar werk in het nieuwsbulletin van Radio2 de ophef voorbijkomen over het nieuwe logo van de Gemeente Urk. Kom op jongens, het is toch een kostelijk plaatje?  Omdat de ambtenaren van de NOP weer aan het werk zijn gegaan, was het zoeken naar een plekje. Mijn Toyotaatje (de meeste Toyota's per inwoners!) parkeerde ik naast een busje van de gemeente. Pas toen viel het logo van de NOP mij op. Was ik al wel bekend mee natuurlijk, maar een mens kijkt nu eenmaal anders naar zaken als hij net uit een dorp vol ophef komt puffen. Laten we de logo's van de andere Flevolandse gemeenten eens van dichtbij bekijken. En laten we er meteen een ranglijstje van maken.  Gemeente Almere Slogan: Het kán in Almere! Het logo van de gemeente Almere springt meteen in het oog. Hier is groots uitgepakt. Er wordt ook prettig gespeeld met het perspectief, waardoor je pas na een tijdje kijken een grote A ontwaart. Groots, maar plat. Almere samengevat. Had wel wat meer creativit...

#208 De mensheid zal nog van mij horen

Mag je een boek bejubelen alvorens je hem uitgelezen hebt? Ga het toch doen. In de podcast Radio Romano, een voortzetting van de Krokante Leesmap, werd het nieuwe boek van Joris van Casteren getipt. Bekend van titels als Lelystad, Het been in de IJssel en Het zusje van de bruid. De titel van dat boek over de man die jarenlang zijn overleden moeder in huis bewaarde heb ik zo snel niet paraat. Lelystad was een toffe leeservaring, kan niet anders zeggen. Zijn manier van schrijven - kort en afstandelijk en juist daardoor ironisch – trok me in een mum van tijd door dat hele boek heen. Van Casteren heeft een oog voor het menselijk tekort, en er is niets mooiers dan het menselijk tekort. Even zonder gekheid, de boeken van Van Casteren zijn niet enkel droog of grappig. Vaak juist een beetje luguber. Zoals Het been in de IJssel, wat gaat over, nou ja, een gevonden menselijk been in de IJssel. Dat boek is een zoektocht naar de eigenaar van dat been, wat hem uiteindelijk helemaal naar Duitsland l...