Met een leeftijdsgenoot had ik het laatst over ouder worden, en ik bracht naar voren dat ik het tijdens mijn snuffelstage in de ouderenzorg altijd zo bijzonder vond dat dementerende ouderen terugvallen op de bekendheden van hun kindertijd. Dat sommige ouderen in de middag de ochtend alweer kwijt zijn, maar wel feilloos kinderliedjes uit hun vroegste jaren kunnen zingen. In het geval van die stageplek waren dat ook vaak psalmen en gezangen.
We vroegen ons af wat er bij onze generatie nog ingesleten zou zitten, als we er eenmaal aan toe zijn, en wat er nog overblijft van óns collectieve geheugen. Wij zijn kinderen van het internettijdperk, producten van een meme-cultuur, en we hebben onze spanningsbogen vrijwillig aan flarden gescrold. Niet eerder was onze consumptie zo gefragmenteerd als nu.
In de gemiddelde huiskamer van een verpleeghuis, zo schetsen we ons toekomstbeeld, zou je een kakafonie horen van:
‘Hallooo, wat kost hier watermeloen’ ‘Ik vind helemaal mooi!’ ‘De kersensaus, yeah, bij de Lidl gekocht’ ‘Wat is een diadeem? Daar is een hele stellage’ ‘My husband is antiqair’ ‘Hahaaa bier!’ ‘Heeft u al gegeten? En gedronken! Wat heeft u op? Een broodje met… beleg’ ‘Ik loop de hele avond rondjes!’ ‘Jij, jij komen hier, jij komen hier in de Sittard, praten tegen mij… tegen mij? Whahahaauw!’ ‘Ik heb een vuurwerkje afstoken! Yes! Yes! Yes! Weggaan anders knalt hij misschien wel!’ ‘Broodje saté, komt op teevee!’ ‘Water? Wil je mij vergiftigen ofzo?’ ‘Dikke BMW!’ ‘Wat heb je?’ ‘Ik wil kaas! Ik ben ook een klant!’ ‘Poah, een John Deere!’ ‘Ik ben de grappenmaker van de bingoclub, laatst riep ik bingo! En ik had helemaal bingo. Nou, iedereen lag in een duik’ ‘Boodschaaap!’ ‘Come oooooon, let’s go’ ‘Krakaka!’ ‘Pizza, maar ik heb al heel veel pizza gegeten, dus dat vind ik tegenwoordig niet meer zo heel lekker’ ‘Vijf euro’s? Op je muil, gauw!’ ‘Biem!’
Die avond heb ik mijn oude psalmboekje maar weer eens opgescharreld.
Reacties
Een reactie posten