Doorgaan naar hoofdcontent

#567 Westerbork

Omdat Bevrijdingsdag een vrije dag is voor bibliotheekmedewerkers, rijden we die dag via Steenwijk richting de Drentse heidegronden. De bestemming van de rit is Westerbork. We willen het allebei eens zien, en omdat ze ook toevallig vrij is heb ik m’n moe opgehaald.

Door stukjes bos en over onverwachte heuvels rijden we langs de Havelterberg, een voor ons onbekend maar aanlokkelijk natuurgebiedje. In Nederland kun je je om de dertig kilometer telkens weer in een andere omgeving op vakantie wanen. Achter Steenwijk begint dat al.

In het herinneringscentrum leren we over Kamp Westerbork. Dat het in eerste instantie gebouwd is om de (voornamelijk Joodse) vluchtelingen op te vangen uit Nazi-Duitsland. Dat het in 1942 werd overgenomen door de Duitse bezetters. Dat het kamp zoveel mogelijk op een gewoon dorp moest lijken, met sportactiviteiten, cabaret- en muziekvoorstellingen en werkplaatsen. Dat de gemiddelde persoon maar één tot drie dagen bleef, hooguit een week. Dat die dagen gevuld waren met hoop en wanhoop.

Op een wand zien we in filmfragmenten de levens van talloze Nederlandse joden. Er wordt  gedanst, gevoetbald, feestgevierd, buiten gespeeld. In eindeloze portretlijstjes zien we gezichten van opgewekte jonge mensen, ernstige ouderen, poserende jongedames en dromerige jongemannen. Een jong meisje poseert in Voledammer dracht. Dan ineens vervagen ze. De wand is daarna nog maar dun bezaaid.

Even verderop zien we in koffers de bagage van hun eigenaars, onder anderen Anne Frank en Ed van Thijn, en lezen we over hun levens vóór Westerbork. Hoe ze hun koffers moesten pakken. Hoe ze aankwamen in het kamp. En hoe hun levens zich voortaan afspeelde achter prikkeldraad.

Er wordt ons een geslaagde ontsnappingspoging vertelt door een ontsnapte gevangene, een verhaal van een vrouw die slaagde uit het kamp te ontsnappen maar later vrijwillig terugkeerde om bij haar verloofde te zijn, een man wiens naam door stom toeval nooit op de deportatielijst is beland. Een paar uit de miljoenen stemmen die niet gesmoord zijn. Ze moeten blijven klinken.

Er zijn bibliotheken vol over geschreven, maar nog altijd is het moeilijk te bevatten hoe de holocaust heeft kunnen plaatsvinden. Hoe het mogelijk werd. Hoe het uitgevoerd kon worden.

Een anekdote van Paul Siegel, inwoner van barak 64, trok mijn aandacht:

In december 1942 besloten we het Chanoekafeest in onze barak te vieren. Het toeval wilde dat kampcommandant Gemmeker met zijn gevolg op dat moment voor een routinecontrole de barak binnenkwamen. We sprongen allemaal direct in de houding.
Gemmeker beval ons door te gaan en verbleef nog enige tijd in de barak. Later hoorden we dat hij, na het verlaten van de barak, aan de Joden die hem vergezelden uitleg vroeg over de betekenis van Chanoeka.

Met een busje worden we naar het voormalig kampterrein gebracht. De geschiedenis ná de oorlog is net zo merkwaardig. 

Vanaf de bevrijding tot aan 1949 doet het kamp dienst als interneringskamp voor NSB’ers en andere collaborateurs. Daarna doet het kamp korte tijd dienst als repatriëringskamp voor Indische Nederlanders. In 1951 wordt het kamp tenslotte ingericht als ‘woonoord Schattenberg’, voor KNIL-militairen uit de Molukken. Ze houden hun legerkisten gevuld en paraat, voor een terugkeer dat nooit meer zal plaatsvinden. Oude barakken worden verkocht aan boeren uit de omgeving, die ze gebruiken als stal of opslagplaats.

De laatste Molukse gezinnen vertrekken onder protest. Uit het audiotourapparaatje hoor ik een Molukker met warme gevoelens terugblikken naar de sobere maar gezellige tijd in het kamp.

Op het terrein raken we aan de praat met twee oudere Canadezen, die met esdoornbladeren op hun kleding en net zulke kelen als hun zuiderburen rondstampen over het terrein. Zonder ernaar te vragen vertelt de man dat zijn fotografiehobby is begonnen met zijn moeder, die in de menigte stond toen de Canadezen Doorn kwamen bevrijden en door een soldaat werd vastgelegd met de camera. Toen ze ernaar vroeg kreeg ze het toestel toegeworpen. Ze is met hem mee naar Canada gegaan. Toen ik vroeg hoe de stemming was in Canada, met een hebberige Trump in het Witte Huis, zei de man dat het Canadese volk verenigd is in het idee dat Trump een volslagen idioot is. Daarna kreeg ik een souvenirtje in mijn handen geduwd uit London, Ontario. We wensten de Canadezen nog een paar fijne dagen in Nederland toe.    

Bij het Nationaal Monument Westerbork zien we de bloemenkransen van de avond ervoor. Op de gedenksteen met een vers uit Klaagliederen liggen kiezelsteentjes, op de steen met Hebreeuws schrift liggen rozen.

Ongemerkt ben ik al een paar minuten stil. En net als die twee minuten op 4 mei denk ik eigenlijk niet zoveel. Er ligt een kleurrijk boeket van een regenboogvereniging op het stukje spoor. Verderop wordt bij een bankje een jongen in een rolstoel verschoond. Naast Joden werden ook Sinti en Roma, homoseksuelen, politieke tegenstanders en mensen met een verstandelijke beperking actief vervolgd.

Wat is een samenleving nog als je niet meer met elkaar samenleven kan?

We reden terug naar Urk. Vlakbij huis zwaaide ik naar een oud-cliënt die een fietstochtje deed. De zon brak voor heel eventjes door. En ik begreep iets beter van die gevierde vrijheid.


Reacties

Populaire posts van deze blog

#209 de Trumpweek

Een van de meest ingrijpende gebeurtenissen afgelopen week maakte nauwelijks indruk. Op mij noch op de mensen om me heen. Zelfs op sociale media is het behoorlijk rustig. In dat malle grote land is Donald Trump herkozen als president.    ‘Trump is weer president he,’ zei een collega terloops.    ‘Tsja, het is allemaal wat,’ antwoorde ik.    En daarmee was de bespreking van de verkiezingsnacht afgehandeld. Terwijl bij iedereen de alarmbellen af zou moeten gaan – Trump is een lont in een akelig gevaarlijk hoopje buskruit – gebeurt dat niet echt. Tenminste, ik heb het niet meegekregen. Misschien omdat mijn sociale-mediaconsumptie ook niet meer is wat het was. De fratsen van die andere halve zool, Elonnetje Musk, zorgt ervoor dat ik steeds minder zin heb om op die grote X te tikken. Na een tijdje merk je dat je er niks aan mist ook. Maar goed, we hadden het over de Amerikaanse verkiezingen. Iemand waar ik af en toe mee samen werk is een aantal jaar terug me...

#219 Ranking de logo's

Vanochtend hoorde ik onderweg naar werk in het nieuwsbulletin van Radio2 de ophef voorbijkomen over het nieuwe logo van de Gemeente Urk. Kom op jongens, het is toch een kostelijk plaatje?  Omdat de ambtenaren van de NOP weer aan het werk zijn gegaan, was het zoeken naar een plekje. Mijn Toyotaatje (de meeste Toyota's per inwoners!) parkeerde ik naast een busje van de gemeente. Pas toen viel het logo van de NOP mij op. Was ik al wel bekend mee natuurlijk, maar een mens kijkt nu eenmaal anders naar zaken als hij net uit een dorp vol ophef komt puffen. Laten we de logo's van de andere Flevolandse gemeenten eens van dichtbij bekijken. En laten we er meteen een ranglijstje van maken.  Gemeente Almere Slogan: Het kán in Almere! Het logo van de gemeente Almere springt meteen in het oog. Hier is groots uitgepakt. Er wordt ook prettig gespeeld met het perspectief, waardoor je pas na een tijdje kijken een grote A ontwaart. Groots, maar plat. Almere samengevat. Had wel wat meer creativit...

#208 De mensheid zal nog van mij horen

Mag je een boek bejubelen alvorens je hem uitgelezen hebt? Ga het toch doen. In de podcast Radio Romano, een voortzetting van de Krokante Leesmap, werd het nieuwe boek van Joris van Casteren getipt. Bekend van titels als Lelystad, Het been in de IJssel en Het zusje van de bruid. De titel van dat boek over de man die jarenlang zijn overleden moeder in huis bewaarde heb ik zo snel niet paraat. Lelystad was een toffe leeservaring, kan niet anders zeggen. Zijn manier van schrijven - kort en afstandelijk en juist daardoor ironisch – trok me in een mum van tijd door dat hele boek heen. Van Casteren heeft een oog voor het menselijk tekort, en er is niets mooiers dan het menselijk tekort. Even zonder gekheid, de boeken van Van Casteren zijn niet enkel droog of grappig. Vaak juist een beetje luguber. Zoals Het been in de IJssel, wat gaat over, nou ja, een gevonden menselijk been in de IJssel. Dat boek is een zoektocht naar de eigenaar van dat been, wat hem uiteindelijk helemaal naar Duitsland l...