Doorgaan naar hoofdcontent

#164 Het eiland van ons allemaal

‘Schokland is een magische plek,’ hoorde ik schrijver Eva Vriend in een radio-uitzending zeggen. Ik kan niet anders dan het hartgrondig met haar eens zijn. Schokland is een magische plek. Ik mag er graag komen, voor een wandeling over het oude haventje of helemaal naar het zuidpunt om uit te rusten bij de restanten van het kerkje. Schokland, dat heuveltje in een verder zo strak landschap, blijft op een bepaalde manier altijd trekken. Het kan de vertrouwdheid zijn van het oude land in een nieuwe polder, of omdat, als bij zoveel Urkers, er een stukje familiegeschiedenis ligt. Het kan ook zijn omdat het huidige Schokland zo lekker tot de verbeelding spreekt. Ooit was het een eiland in een woeste binnenzee.
   Alles op Schokland is ooit. Ooit kabbelde hier zout water tegen een palenscherm, ooit zongen hier mensen in een kerkje, ooit klonken klompen van visserlieden op een plankier, enzovoort, enzovoort.
   Op het museumpleintje heb ik ooit eens iemand horen zeggen dat hij dwars over Schokland een leylijn voelde lopen. Je weet wel, zo’n lijn met energie waarvan je wichelroede begint te trillen. Nu heb ik nooit de ambitie gekoesterd dat zelf eens te onderzoeken, maar een geinig idee is het wel.
   Ik dwaal af. Hoe dan ook, Schokland is in vele opzichten een bijzondere plek.

Het eiland

De geschiedenis van Schokland is een bijzondere en begint ergens in de ijstijd. Er stroomden wat riviertjes, wat een meer werd, en na vele stormen een ruwe binnenzee. De eilandbewoners van de Zuiderzee zagen hun land opgeslokt worden, hun kostbare grond verzilten, en werden gedwongen de zee op te gaan. Na de zoveelste overstroming – het gehele eiland stroomde in 1825 over – besloot de overheid dat het niet meer langer kon. De situatie was onhoudbaar, de kosten te hoog. Vooral het laatstgenoemde gaf de doorslag: de kosten voor het onderhoud van het eiland en haar bewoners was de overheid al langer een doorn in het oog.

Vanaf daar pakt Vriend met haar boek ‘Het eiland van Anna’ de draad op. Hoe verging het die Schokkers sindsdien? Hoe is het om je huis af te moeten breken om het ergens anders weer op te bouwen? Waar trek je naar toe?
   De Schokker diaspora – om het zo maar te noemen – voltrok zich rondom het hele Zuiderzeegebied. Protestantse Schokkers trokken naar plekken als Kuinre, Vollenhove en Urk. Katholieken naar plekken als Volendam en Kampen – het Jeruzalem van het Noorden.
   Nu ja, vlakbij Kampen dan. Netjes buiten de stadsmuren. De krotjes die voor woning doorgingen mochten ‘geen ontsiering zijn voor stadswandelingen’. Ze konden in de aangrenzende volksbuurt Brunnepe terecht.

Anna

Als hoofdpersoon kiest Vriend voor Anna Diender, in 1910 geboren in Brunnepe, maar altijd gezien als Schokker vissersdochter. En zo heeft ze zich ook gevoeld. Op een zekere dag klopte de directeur van het nieuwe Zuiderzeemuseum op haar deur. Of de woning overgenomen mocht worden. Het zou een mooi plekje krijgen in het museum, en zo kon het Schokker erfgoed worden opgenomen in de herinnering aan een verdwijnende Zuiderzeecultuur. Anna stemde toe, kreeg een vergoeding en zag haar huisje nauwkeurig opgemeten en afgebroken worden. En ze kon niet wachten op de opening van het buitenmuseum. 

Even schakelen

Benieuwd als ik was naar de geschiedenis van Schokland, waarbij ik hoopte dat ik iets nieuws kon leren, moest ik op een zeker moment toch even schakelen. De geschiedenis van Schokland komt niet echt aan bod, en het leven op het eiland wordt maar summier beschreven. Dat zeg ik verkeerd: Vriend weet aan de hand van dagelijkse beslommeringen, het woeste zeeklimaat en de wijdverspreide armoede een prima beeld van het dagelijks leven op het eiland te schetsen, maar ik had er zo graag meer over gelezen. Ze heeft haar focus duidelijk op de Schokkers na de ontruiming gelegd. En misschien is dat nog wel interessanter, want dat verhaal is nog niet eerder verteld.

Koren, Mariabeelden en Kiribati

In de kern is Het eiland van Anna een boek over migratie. Het behandeld verschillende kwesties: hoe is het voor een groep om noodgedwongen te moeten vertrekken? Hoe zorg je dat die groep goed terecht komt? En waarom weet een groep, de Schokkers en hun nazaten in dit geval, zich verbonden te blijven voelen met hun plek van herkomst?
   Vriend zit niet stil. Ze wordt lid van een Schokkerkoor, zingt Schokker kerstliederen en hoort de verhalen over het Mariabeeld dat uit het Katholieke kerkje is meegenomen naar de wal, en waaraan de voeten nog vele kaarsjes zijn aangestoken. Ze verzamelt zulk materiaal op ‘verhalenmarkten’ en weet, wat mij betreft, haarfijn neer te schrijven wat die Schokker verhalen zo bijzonder maakt.
   Maar ze maakt het ook actueel: ze reist af naar Arnhem om de enige in Nederland wonende Kiribatiër te interviewen. Kiribati zal waarschijnlijk het eerste land zijn dat door toedoen van de klimaatverandering onder de zeespiegel zal verdwijnen. Er is al asiel gevraagd aan Nieuw-Zeeland, maar die zijn, net als de Zuiderzeekustplaatsjes toen, niet zo happig op de komst van een hele bevolkingsgroep. De burgemeester van Medemblik had heus niets tegen ‘die menschen’, maar plek bieden in zijn eigen stadje was dan ook weer zowat. En wat moest je met die arme zielen? Schokkers brachten armoede met zich mee. Nog zo’n thema, klassenverschil. Eén van de slotscènes laat zien hoe de behandeling van de Schokker nazaten toen, tot de dag van vandaag kan doorwerken. Het greep me aan, en bracht me tot nadenken.

Tot slot

Ik verwachtte een boek over Schokland, maar kreeg een boek over cultuur, migratie en gemeenschap in handen. Dat had ik niet verwacht, maar maakte het des te leuker om te lezen. Er zitten interessante en leerzame passages in. Door de thema’s die Vriend aansnijdt is het bovendien een actueel boek.

Hun eigen bijdrage aan de milieuproblemen is nihil, maar de Kiribatiërs zijn de eerste slachtoffers, schrijft Vriend, en daarmee trekt ze het boek naar het heden. Ik zou daar graag nog de toekomst bij willen voegen: wie weet zijn wijzelf op een dag (klimaat)vluchtelingen. Wat nemen wij dan mee?

Nog over Anna, die zo lang had gewacht om haar huisje weer eens terug te zien. Ik wil daar verder niets over verklappen, zoals de Volkskrant wel deed (en bedankt nog!), wel kan ik verzekeren dat iedereen die het Zuiderzeemuseum heeft bezocht het huisje van de binnenkant heeft gezien.

Het eiland van Anna. Gaat dat lezen. 

Reacties

Populaire posts van deze blog

#350 Kwartaalrapportage IX

Mensenkinderen, wat vliegt de tijd. Is het zomaar alweer eind maart. Zomertijd. De eerste kwart zit erop. De kop is eraf. Tijd voor de eerste kwartaalrapportage van ’26. Lezen gaat in golfbewegingen. Soms lees je drie of vier boeken achter elkaar, en soms lees je een hele maand niet. Maart was zo’n maand waarin ik niet het juiste boek kon vinden. Komt vast wel weer. Dit jaar wilde ik het anders aanpakken. Na het lezen van het eerste boek besloot ik dat het volgende boek verband moest houden of een link moest hebben met het vorige boek. Een soort boekenalgoritme. Dat kon twee kanten opgaan: of ik zou heel makkelijk onverwachte titels gaan lezen, of ik zou eindeloos moeten zoeken naar een goede titel en daardoor juist minder gaan lezen. Allebei de situaties zijn het geval, denk ik. Maar goed, hierbij dus het algoritme tot zover. Wie weet zit er een leuke titel voor je tussen. Wie weet ook niet. Dat mag je lekker helemaal zelf weten. Leuk he? Hoax -  Jan-Willem van Prooijen ...

#177 terug Europa in

In Europa – proloog Als ik de vraag zou krijgen welk boek hét beste geschiedenisboek ooit is, zou ik meteen naar de boekenkast lopen om er een dikke pil uit te pakken. Er bestaan zoveel mooie, goede en interessante geschiedenisboeken (en stripboeken), maar ééntje steekt daar toch wel echt met kop en schouders bovenuit. En het is dit jaar 20 jaar geleden dat het boek uitgebracht werd. Het beste geschiedenisboek ooit blijft, in mijn optiek, In Europa van Geert Mak. Europese Steinbeck Geert Mak is geen historicus, zoals hij dat zelf vaak op bescheiden toon benadrukt. Hij is een journalist. Maar dat juist die twee dingen, journalistiek en geschiedkunde, bijzonder goed samengaan, heeft Mak met zijn In Europa bewezen. Er is geen ander boek als dit boek. Het zijn twee reizen die Mak hier maakt: eentje door het Europa van 1999 en eentje door die hele akelige, spannende, bewonderingswaardige en dynamische twintigste eeuw. Hij liet zich er voor inspireren door John Steinbeck, een Amerika...

#301 Kerstkuieren (met de auto)

Ieder mens kent zo zijn eigen rituelen in de decembermaand. Sinterklaassurprises maken, kerstbomen optuigen, stemlijstjes maken met je favoriete muziek; je kent het wel. Sommige van die rituelen hangen samen met herinneringen en nostalgische gevoelens. Zo neurie ik nog altijd wat nummers van Een boom vol liedjes , dé kerst-cd van Elly en Rikkert, bij het optuigen van de kerstboom. Op het particuliere decemberrituelenlijstje staan nog wel meer dingen, maar één ding daarvan is kuieren. Kerstkuieren. Bij voorkeur op z’n Urkers: met de auto. Het doel: de meest uitbundige kerstverlichting vinden. Het mag wanstaltig zijn. Genieten juist.  Ooit reden we na een etentje met een volle auto vanuit Kampen terug naar Urk. Omdat we rubbernekken toen nog geinig vonden, besloten we bij Nagele af te slaan om te zien hoe het dorp en haar bewoners de kerstverlichting hadden georganiseerd. Nagele stelde niet teleur en een nieuwe decembertraditie was geboren. Bij de tweejaarlijkse lichtjesroute d...