Samen met een moat trokken we naar de bioscoop om I Swear te zien, een film over een jongen die tijdens zijn pubertijd Gilles de la Tourette ontwikkelt. Een stoornis waar vaak grappen over gemaakt wordt, maar waarmee het helemaal niet zo makkelijk leven is. De film heeft misschien wel de beste openingsscené die ik in jaren heb gezien. En de film deed me een paar keer goed hardop lachen, iets waar steeds minder films in slagen. Of lachen we nu eenmaal minder naarmate we ouder worden ? In ieder geval: er zit veel humor in de film. Hoofdpersonage John krijgt veel obstakels en uitdagingen op zijn pad. Op een treurig moment in de film fluistert hij dat hij het allemaal zat is. Vanaf daar neemt de film een onverwacht positieve (en hartverwarmende) wending, die ik iedereen kan aanraden zelf te zien, met een bakje popcorn en wat frisdrank in de hand.
Tijdens de Urbi et Orbi , de zegen aan de stad en aan de wereld, klonk een paar keer één woord. Het viel mij op en trok mijn aandacht. Een greep uit de toespraak van paus Leo: We raken gewend aan geweld. We leggen ons erbij neer en worden onverschillig. Onverschillig bij de dood van duizenden mensen. Onverschillig bij de gevolgen van haat en verdeeldheid die conflicten zaaien. Onverschillig bij de economische en sociale gevolgen die ze veroorzaken. En die we allemaal voelen. Er is een steeds duidelijker wordende ‘globalisering van de onverschilligheid’, om een uitdrukking te citeren die paus Franciscus dierbaar was. … We kunnen niet langer onverschillig blijven. En we kunnen ons niet neerleggen bij het kwaad. Misschien, zou ik later die paasochtend denken, is onverschilligheid wel onze grootste vijand.