Doorgaan naar hoofdcontent

#610 Schuilen in schoonheid

De lege blik in Alexanders ogen joegen me toch wel een beetje schrik aan, meer nog dan het hoopvernietigende nieuws dat hij zojuist tegen Eva had verteld. AI gaat ons allemaal doden. Het zal geen onderscheid maken, niemand sparen. We zijn verloren en er is niemand die ons redden zal. Kijk nog maar eens goed om je heen en verzamel alles wat je liefhebt. Streel het, bemin het, neem het tot je en fluister het zachte woordjes toe. Over tien jaar is alles weg.

En kijk eens wat we nu al verliezen. Afgelopen zomer liep ik op een onbestemde middag over een kermis in Joure. Het viel me op dat die typische afbeeldingen op attracties, met van die vage lijnen en randen, alsof het met een spuitbus is aangebracht, allemaal vervangen waren door kunstmatig gegenereerde afbeeldingen. De kermiskunst zoals we die kenden is niet meer.

Als ik in de bibliotheek ben, valt het me steeds vaker op dat nieuw binnengekomen boeken een AI-gegeneerde omslag hebben. Meestal zijn het titels van kleine uitgeverijen, ik begrijp de kostenbesparing, het scheelt je weer een dagloon aan een grafisch ontwerper, maar toch, ik zal zo’n boek nooit openslaan.

AI is kwantiteit bij uitstek. Als een uitgever geen moeite doet om een boek van een originele omslag te voorzien, is de inhoud ook geen moeite waard. Don’t judge a book by its cover, staat er op ongelukkige onderarmen getatoeëerd, maar als het om AI gaat doe ik dat bij voorbaat wel. Als jij geen tijd wilt investeren doe ik dat ook niet. Lekker puh.

Al die menukaarten, al die uitnodigen, al die advertenties, al die banieren… ooit zo zorgvuldig in elkaar gezet door ambachtslieden met ervaring en talent. Ze zijn allemaal ingehaald door de gemakzuchtige, die zijn prompts in een voederbak legt om opgevreten te worden door een AI-machine wanneer hij met zijn middelvinger de enterknop indrukt.

Gemakzucht en inhaligheid is het, niets meer en niets minder. I want it all, and i want it now zong Freddie, en nog hoor ik hem zingen, wanneer er weer zo’n ongelooflijk saaie, ongeïnspireerde en bovenal middelmatige AI-afbeelding opgedrongen wordt. Laatst liet iemand een kleurplaat zien, ‘gemaakt met AI’, maar er is niets gemaakt denk ik dan, er is slechts opdracht gegeven aan een machine die alles wat ooit is bedacht en gemaakt van internet plukt, en dat allemaal ongevraagd samenvoegt in een product dat nooit de middelmaat zal ontstijgen.

Dan nog de impact die het heeft op natuur en klimaat, maar daarover heeft niemand het. Dat komt pas wanneer een volgende generatie aan de knop van een kraan draait waar ineens geen water meer uitkomt. Ze zullen ons vervloeken en verfoeien dat we schoon drinkwater hebben misbruikt aan het koelen van datacenters waar beelden van dansende ballerinakopjes en haaien op sneakers liggen opgeslagen.

En we hebben er met open mond naar zitten kijken. Ademloos hebben we de kostbare tijd die ons op deze aardkloot gegund is voorbij liggen scrollen. Tijd die we nooit meer in kunnen halen, die met alle kansen die onze wonderlijke wereld te bieden heeft door flexibele vingers en duimen glipt. De volgende stap in de menselijke evolutie: flexibele duimen scrollen beter. Althans, dat heb ik ooit gelezen in een boek van Dan Brown, dus zeker weten doe ik het niet.

‘Oh, je gebruikt nog echt een boekje ook,’ zei een vriend met mijn geleende reisgids in de hand, alsof het een artefact uit een vorige beschaving betrof. Ja natuurlijk gebruik ik een boekje. Een reis begint met een boekje. Je leest je vast wat in, neemt wat informatie tot je, leert de bestemming alvast een beetje kennen en besluit wat je interessant vindt om te bekijken of juist niet. Met een boekje begint de voorpret, en met de voorpret begint de reis. Zelf had hij zijn stedentrip volledig laten samenstellen door AI, van begin tot eind, van ochtendstond tot slapengaan. Handig, een compleet programma laten uitdraaien, dat zeker, maar het toeval krijgt geen enkele kans meer. Terwijl het toeval juist zo mooi kan zijn.

Misschien zat er toch nog iets in die lege blik van Klöpping. Misschien schrok ik er zo van omdat er iets herkenbaars in zat. Achter die wallen, achter die door schermlicht aangetaste irissen, ver daarachter, diep in zijn pupillen, nam ik nog een restje moedeloosheid waar.

Moedeloosheid die zich als slaapzand in de ooghoeken ophoopt en ik inmiddels uit mijn eigen oogkassen peuteren kan.

En toen sloeg ik een album open dat ik eerder uit een stripmuseum meegenomen had. De luipaardvrouw, een titel uit een Robbedoes-reeks getekend door Schwartz. Hij opent op de daken van een kapotgeschoten Brussel, vlak na de oorlog, en geeft je ogen meteen de kost. Ik verwonderde me over hoe alles klopte, de hoeken waaruit het prentje werden, de perspectieven die gebruikt werden. Hoe de figuren een houding namen, hoe ze bewogen, dansten, met elkaar interactie hadden. Hoe soms de tekst afwezig bleef en de prentjes een boodschap overbrachten waar woorden tekort zouden schieten. Ik genoot van het lijnenspel, hoe kunstig hij die had toegepast en hoe wonderlijk het toch blijft dat simpele lijnen hele werelden kunnen scheppen. Van de luipaardvrouw zelf, waarbij ik de hand van de tekenaar in haar benen kon volgen. De inkleuring was digitaal gedaan, maar door iemand die zijn of haar vak verstond. Ik verzoop in bewondering.

Matthijs van Nieuwkerk is terug. Met een podcast. De titel: Schuilen in schoonheid. Wat een toptitel. Die ouwe talkshowtiran is lang zo gek nog niet. 





Reacties

Populaire posts van deze blog

#350 Kwartaalrapportage IX

Mensenkinderen, wat vliegt de tijd. Is het zomaar alweer eind maart. Zomertijd. De eerste kwart zit erop. De kop is eraf. Tijd voor de eerste kwartaalrapportage van ’26. Lezen gaat in golfbewegingen. Soms lees je drie of vier boeken achter elkaar, en soms lees je een hele maand niet. Maart was zo’n maand waarin ik niet het juiste boek kon vinden. Komt vast wel weer. Dit jaar wilde ik het anders aanpakken. Na het lezen van het eerste boek besloot ik dat het volgende boek verband moest houden of een link moest hebben met het vorige boek. Een soort boekenalgoritme. Dat kon twee kanten opgaan: of ik zou heel makkelijk onverwachte titels gaan lezen, of ik zou eindeloos moeten zoeken naar een goede titel en daardoor juist minder gaan lezen. Allebei de situaties zijn het geval, denk ik. Maar goed, hierbij dus het algoritme tot zover. Wie weet zit er een leuke titel voor je tussen. Wie weet ook niet. Dat mag je lekker helemaal zelf weten. Leuk he? Hoax -  Jan-Willem van Prooijen ...

#177 terug Europa in

In Europa – proloog Als ik de vraag zou krijgen welk boek hét beste geschiedenisboek ooit is, zou ik meteen naar de boekenkast lopen om er een dikke pil uit te pakken. Er bestaan zoveel mooie, goede en interessante geschiedenisboeken (en stripboeken), maar ééntje steekt daar toch wel echt met kop en schouders bovenuit. En het is dit jaar 20 jaar geleden dat het boek uitgebracht werd. Het beste geschiedenisboek ooit blijft, in mijn optiek, In Europa van Geert Mak. Europese Steinbeck Geert Mak is geen historicus, zoals hij dat zelf vaak op bescheiden toon benadrukt. Hij is een journalist. Maar dat juist die twee dingen, journalistiek en geschiedkunde, bijzonder goed samengaan, heeft Mak met zijn In Europa bewezen. Er is geen ander boek als dit boek. Het zijn twee reizen die Mak hier maakt: eentje door het Europa van 1999 en eentje door die hele akelige, spannende, bewonderingswaardige en dynamische twintigste eeuw. Hij liet zich er voor inspireren door John Steinbeck, een Amerika...

#208 De mensheid zal nog van mij horen

Mag je een boek bejubelen alvorens je hem uitgelezen hebt? Ga het toch doen. In de podcast Radio Romano, een voortzetting van de Krokante Leesmap, werd het nieuwe boek van Joris van Casteren getipt. Bekend van titels als Lelystad, Het been in de IJssel en Het zusje van de bruid. De titel van dat boek over de man die jarenlang zijn overleden moeder in huis bewaarde heb ik zo snel niet paraat. Lelystad was een toffe leeservaring, kan niet anders zeggen. Zijn manier van schrijven - kort en afstandelijk en juist daardoor ironisch – trok me in een mum van tijd door dat hele boek heen. Van Casteren heeft een oog voor het menselijk tekort, en er is niets mooiers dan het menselijk tekort. Even zonder gekheid, de boeken van Van Casteren zijn niet enkel droog of grappig. Vaak juist een beetje luguber. Zoals Het been in de IJssel, wat gaat over, nou ja, een gevonden menselijk been in de IJssel. Dat boek is een zoektocht naar de eigenaar van dat been, wat hem uiteindelijk helemaal naar Duitsland l...